Recensie The Next Gig (10-3-2016) - Wegdromen bij Andrew Combs / Ryan Culwell zingt met intensiteit
BORGER – Wat een heerlijke dromerige en prachtige liedjes heeft Andrew Combs op zijn repertoire staan zo bleek bij VanSlag/RootsontheRoads in Borger.
Combs was met zijn volledige band afgereist van Nashville, Tennessee naar Borger, Drenthe. Een mooie groep gedreven muzikanten die er in slaagden om niet alleens Combs en zijn zang in het middelpunt te zetten, maar ook de kracht van de composities te benadrukken. 'Suwannee Country' was het eerste liedje uit de reeks. Combs zette solo in, alleen op gitaar en halverwege viel de band hem bij. Daarna het rustige maar mooie country deuntje 'Please Please Please'. Gevolgd door 'Heavy' het enige liedje dat niet door Combs geschreven was, maar van de hand van Carl Anderson en Caroline Spence. Een nummer dat naadloos in Combs eigen repertoire past. Combs heeft voor zijn werk een fijne stem. Een tikje hees en gruizig, net genoeg om het dromerige te benadrukken, maar ook net genoeg om het boeiend te houden. Het bleef van het podium af het publiek in stromen. Prachtige liedjes als 'Rainy Day Songs', 'Too Stoned to Cry' en het iets vlottere 'All These Dreams' de titelsong van zijn laatste album. Dat vlottere was wel prettig, want met al die dromerige rustige nummers had de avond op dat moment wel behoefte aan wat pit. Daar valt voor Combs nog wel een slag te slaan. Een iets betere opbouw van de setlist met een afwiseling van de wat pittigere liedjes en het rustige dromerige werk benadrukt beide meer en laat liedjes zich meer ondrscheiden. Al zijn liedjes kregen een keurig intro mee. Even een kort woord over het onderwerp of net wat anders om het liedje wat meer gewicht mee te geven. Je merkt dat Combs niet van nature een uitgebreide prater is, maar dit deed hij goed en degelijk. Met het vol melancholie en heinwee gezongen 'Tennessee Time' werd het dromerige deel van het concert afgesloten. Plots bleek de Texaan ook een veel pittigere kant te bezitten. 'Devil's Got My Own' was zo'n lekker krachtig nummer. In Emily mocht het publiek meezingen en met het afsluitende 'Month of Bad Habits' gaf de uitstekende band nog even de kans om uit te blinken met een sterke gitaarsolo en mooi spel op de toetsen. Dat alles in de rug gedekt door sterk basspel en een drummer die zijn stokjes niet nodig had, maar zich prachtig de set door veegde. Na deze krachtige en prachtige afsluiting, bleef alleen Combs op het podium met zijn gitaar. In 'Silk Flowers' bewees hij in het toegift, dat hij de steun van een band niet nodig heeft, maar ook alleen een zeer sterke zanger en muzikant is. Net op tijd wist Andrew Combs het dromerige af te schudden en ook zijn kracht te tonen. Een prachtige muzikant, bescheiden en dankbaar op het podium, maar vol met mooie liedjes.
Ryan Culwell zingt met intensiteit
BORGER – Af en toe met verbetenheid of zelfs woede, vaak met passie, maar nooit onbewogen. Ryan Culwell bleek op het podium van VanSlag/RootsontheRoad in Borger een zanger die de intensiteit hoog in het vaandel had staan. De uit Texas afkomstige singersongwriter combineerde dat met mooi geschreven liedjes. Het gedrevene van deze singersongwriter bleek onmiddellijk bij 'The Ballad of Charlie Waters' van zijn 'Winter Wheat' EP. Onmiddelijk die intensiteit. Af en toe werkte dat ook tegen Culwell en neigde de verbetenheid de overhand te nemen,. Maar deze momenten waren gelukkig zeldzaam. Mooi was het lied over zijn Texaanse geboorteregio Amarillo. Culwell brengt veel van zijn liedjes vooral op de kracht van zijn zang. Zijn gitaarspel is daaraan ondergeschikt. Voorbeeld was 'Won't Come Home' dat nagenoeg geheel zonder gitaar werd gezongen en tot de hoogtepunten van het concert behoorde. Het volgende nummer 'Flatlands'was eigenlijk het tegengestelde. Nu een veel grotere rol voor zijn spel in dit fijne melodieuze nummer. Na een wat minder liedje tracteerde Culwell zijn toehoorders met het schitterende 'Darkness', ook van zijn nieuwste album 'Flatlands' op nog een hoogtepunt. Af en toe vertelde hij daarnaast een mooi verhaal. Het was even wennen aan zijn Amerikaans. Hij verontschuldigde zich omdat hij zo'n Hick was en daardoor wat moeilijker verstaanbaar, maar dat wende snel en kwamen ook zijn verhalen beter door. Ryan Culwell had een knap opgebouwde setlist, met veel sterke liedjes en een enkele die minder aansprak. Een mooie variatie in rustigere nummers en wat meer uptempo liedjes. Deze Texaan was door de organisatoren vooraf hoog geprezen en dat maakte hij zeker waar. Zeker op het einde, want na 'Darkness' eindigde hij zijn bijdrage aan de avond in VanSlag met 'I'll think i'll be their God' een nummer waarin hij nog een keer zijn verbetenheid in kwijt kon, maar dat mooi dosseerde en dan was erg sterk en daarna sloot hij af met mooie en rustige 'Red River'. Het water in de Red River, de grensrivier tussen Texan en Oklahoma droogt wellicht op, de liedjes bij Culwell blijven stromen.